Eind juli vond op de Braassem voor de tweede keer een vroege meting voor het Nederlands Kampioenschap plaats. Vijf deelnemers lieten alvast hun nieuwe zeilen meten, en één geheel nieuwe boot werd gecontroleerd. Deze zogenaamde “precheck” vond plaats in samenwerking met de Technische Commissie en werd uitgevoerd door onze klassencontroleur Gérard Vervoort.
De RKO is overgegaan tot deze extra meting, om te voorkomen dat zeilers enkele uren voor de start van het NK met hun nieuwe en dure zeilen voor onaangename verrassingen komen te staan. Dat dit initiatief niet overbodig is bleek maar weer: vier van de vijf grootzeilen bleken niet aan de voorschriften te voldoen. Kleinigheidjes die gemakkelijk te verhelpen zijn, maar niet een uurtje voor de eerste start.
Ook de nieuwe Randmeer was niet helemaal tot in de finesses in orde. We hebben het dan over een iets te korte ankerlijn en een kleinigheidje aan het grootzeil. Maar ja, voor een NK moet alles !! voldoen aan de klassenvoorschriften.
Klassencontroleur Vervoort legt uit wat er niet klopte aan een aantal grootzeilen, zodat je zelf kunt nagaan of jouw zeilen oké zijn:

Tijdens de pre-check voor het NK op 29 juli op de Braassem heeft de Technische Commissie bij een aantal nieuwe grootzeilen van dit jaar een constatering gedaan waarover we graag alle wedstrijdzeilers in de Randmeerklasse willen informeren omdat het van invloed is op de mogelijkheid om het zeil te laten inmeten voor deelname aan het Nederlands Kampioenschap.
Het waargenomen probleem heeft betrekking op de zogenaamde secondaire versterking in de tophoek van het grootzeil. De secondaire versterking bestaat uit één of maximaal twee extra lagen zeildoek.
Bij het grootzeil geldt voor de secondaire versterking een maximale maat van 700 mm vanaf de hoekmeetpunten van het zeil (zie klassenvoorschriften G.3.4). Het waargenomen probleem is dat bij een aantal zeilen de secondaire versterking nabij het achterlijk groter was dan de toegestane 700 mm.
Een grootzeil met dit euvel voldoet niet aan de klassenvoorschriften en wordt daarom niet ingemeten voor het Nederlands Kampioenschap. Het euvel is, naar verwachting, heel makkelijk door de zeilmaker te verhelpen, waardoor het zeil wel conform de klassenvoorschriften wordt. Dit zal alleen niet meer lukken op de ochtend van de eerste wedstrijd van het NK, je moet dat eerder laten verhelpen als je ook een nieuw grootzeil van dit jaar hebt met dezelfde maatvoering.
Kun je zelf controleren of je nieuwe grootzeil conform is of dit euvel heeft? Ja, dit is een vrij eenvoudige meting die je zelf kunt uitvoeren met als enige hulpmiddel een meetlat van minimaal 700 mm lengte.
1. Je moet meten vanaf het zogenaamde tophoekmeetpunt, dat is snijpunt van het (verlengde van het) voorlijk met een lijn (haaks op het voorlijk) door het hoogste punt van zeil. Bij de meeste Randmeer grootzeilen loopt het voorlijktouw door tot helemaal bovenaan en bevindt de hoek van het voorlijktouw zich op de plaat van het meetpunt.
2. Vanuit het tophoekmeetpunt meet je een afstand van 700mm. Nergens mag de secondaire versterking groter zijn dan 700 mm vanuit het tophoekmeetpunt:
3.De waargenomen afwijking is dat bij meerdere zeilen de secondaire versterking nabij het achterlijk van het grootzeil groter was dan de toegestane 700 mm, zoals aangegeven met de rode pijl in het onderste diagram.

Voor eventuele vragen naar aanleiding van dit artikel kun je contact opnemen met de wedstrijdsecretaris van de RKO. (wedstrijdsecretaris@rko.nl)

(Op de foto: Gérard Vervoort op de vingers gekeken door wedstrijdsecretaris Derk-Jan Havenaar)