Leen Jongewaard heeft het vaderschap ooit treffend vertolkt in “op een mooie Pinksterdag”. Een Pinksterdag waarbij vaders en dochters wedstrijdvaren is anders dan het traditionele fleetracen, er spelen andere emoties.

Naar aanleiding van de nieuwsbrief van RKO en de mailadressen die ik via via heb gekregen hadden zich tien teams aangemeld. `s Morgens bij de briefing zaten alle vaders en (schoon)dochters in een grote kring aan de koffie en fris. Het deed denken aan de verjaardagspartijtjes van vroeger waarbij de vriendinnetjes aandachtig luisterden hoe het partijtje zou verlopen.

Nadat het een ieder duidelijk was wat de bedoeling was en hoe de dag eruit kwam te zien gingen we, na de bui, het water op. Duidelijk werd dat de Pado’s die vaker met elkaar varen, handig omgingen met de wisselende windsterkte en shifts. Hans de Wit en zijn bemanning gingen in het spinakerrak ten onder en de 348 bleef als de “Herald of Free Enterprise” gedeeltelijk boven water liggen om later in de middag te worden geborgen.
Tussen de middag stond er een gezonde lunch klaar, met veel fruithapjes en werd de bemanning van de 348, in droge kleren en met gekamde haren, met applaus ontvangen.

In de middagsessie werden de vaders bij elkaar gezet in vier boten en de dochters in de overige vier. Het verliezende team was het team waarvan een van de boten als laatste eindigde. Niemand wil als laatste eindigen en er werd gezeild zoals je dit tijdens de Holland-Friesland zelden te zien krijgt. De eerste pot was voor de vaders. Zij vingen hier en daar een dochterteam op en brachten ze weg. Complicerende factor voor de vaders hierbij was dat de dochters altijd voorrang hadden, ook bij bakboord-stuurboord.
Na twee tactische wissels binnen het dochterteam, werd het vuur de vaders in de tweede pot na aan de schenen gelegd. Er werd geloefd, gegijpt, boten weggebracht en weer gekeken naar een volgend slachtoffer. Het publiek genoot met volle teugen van dit spel waarbij grote grijnzen op de gezichten van vaders en dochters stonden. Uiteindelijk ging de 633 als laatste over de meet ondanks dat de overige drie vaderrandmeren de 350 met Meike en Hanneke aan boord in de tang trachtten te nemen. Als een aal wisten ze te ontsnappen en stelden zich veilig na de verlossende toeter van de finishboot.

Nadat de bergers de 348 hadden geborgen en de overige deelnemers de boten hadden opgeruimd, was het tijd voor de aftersail. Aangezien het resultaat van de ochtendsessie niet het belangrijkste was, werd de deelnemers gevraagd naar voren te komen op de volgorde waarin men dacht te zijn geëindigd. Dit leverde een mini strijd op tussen bescheidenheid en brutaliteit.. Wieke en Michiel Rutgers waren met de 645 winnaar.

Als kers op de taart zongen de dochters een schitterend lied voor de vaders waarbij het kippenvel centimeters hoog op de armen kwam te staan!
Of we een Pado-dag volgend jaar zullen herhalen wordt lastig, leuker kan het niet worden.

Chris ten Hoopen 1090/633